26 juli 2018
Delta Cycling

Luuc Bugter aan de vooravond van een nieuw avontuur

Woensdagmorgen 25 juli, Station Arnhem Centraal. Het is vijf minuten voor acht en het station is uitgestorven. Op een normale werkdag stappen hier ruim 40.000 mensen in en uit de treinen. Op weg naar werk, studie, geluk of vertier. Vandaag niet. Een groot gedeelte van de reizigers ligt waarschijnlijk nu aan het strand van de Côte d'Azur of op een strandbedje in een Turks of Egyptisch all-inclusive resort, flaneert over de Ramblas of rijdt op een hop-on-hop-off bus door een van de grote steden van Europa.

Samenwonen

Luuc Bugter verschijnt iets na achten om de hoek van de huizen naast het station en rijdt het plein van het imposant verbouwde station op. Het is twee kilometer fietsen van zijn nieuwe huis waar hij sinds enkele weken woont samen met ploegmaatje Adriaan Janssen. "Dat bevalt super goed," vertelt hij. "Ik ken Adriaan al heel lang. Vroeger schaatste ik met zijn broer en zus samen in een ploeg en bij Croford kwam ik samen met hem in een team. We zijn twee heel andere personen, maar toch klikt het heel goed tussen ons. We kunnen elkaar mooi een beetje opzwepen in de dromen die we hebben."

We verlaten Arnhem via de zuidkant. "We rijden even langs het huis van mijn ouders, want mijn tasje met banden en CO2-patronen heb ik daar laten liggen," is de reden. Het huis ligt op een mooie plek aan de zuidrand van de stad en wordt vergezeld door een tuinhuis dat bijna net zo groot is als het huis zelf.

Niemand thuis. "Gelukkig weet ik waar de sleutel ligt," aldus Bugter. Binnen vijf kilometer nadat Luuc Bugter de deur van het ouderlijk huis achter zich op slot deed kwam het 'banden-vervang-setje' goed van pas.

"Laten we afspreken vanaf nu niet meer lek te rijden, oké? We hebben namelijk nog maar een half patroon." De route vervolgt langs de Nederrijn. Af en toe komt een wielrenner via de andere kant tegemoet rijden. De drukte op en langs de rivier moet nog op gang komen.

Stagecontract

Inmiddels is Luuc Bugter op de praatstoel gaan zitten. Eindelijk mag hij honderduit vertellen over het stagecontract dat hij in de wacht sleepte bij de Belgische ProContinentale wielerploeg Veranda's Willems - Crelan.

"Vorig jaar had ik zelf contact opgenomen met de ploeg toen ik er goed voor stond in de Topcompetitie," begint Bugter. "Op dat moment werd dat niks." In de winter en het voorjaar pakte hij zijn routine weer op. Tot de gewenste resultaten leidde dat in het voorjaar nog niet. "Mijn voorjaar was redelijk anoniem. Ik was wel goed in orde, maar tot echte uitslagen kwam het niet. "Ik rijd nu al behoorlijk wat jaar op continentaal niveau mee. Iedereen kent me en dan wordt er op je gelet. Dat maakt het lastig."

De rittenkoersen die volgde met de ploeg in het buitenland kwamen dan ook als geroepen voor Luuc Bugter. "In Normandië ging het al goed en in Ierland was het natuurlijk geweldig om een rit, de puntentrui en het klassement te winnen."

Over de reden voor zijn betere optredens in het buitenland is Bugter duidelijk. "Die koersen waar ik echt goed was, daar ben ik heel onbevangen ingegaan. Ik legde mezelf geen druk op. In Nederlandse koersen voel ik al snel meer druk en dan is het lastiger om jezelf te onderscheiden."

Langs het water blaast de wind flink in het gezicht. Het is een welkome afkoeling en een pittige trainingsprikkel. "En toen kwam dus ineens dat telefoontje. Michiel Elijzen. Of ik stage wilde komen lopen. Zo'n kans hoef je mij geen twee keer aan te bieden," klinkt het enthousiast.

Na het nodige telefoonverkeer tussen Bugter, Veranda's Willems - Crelan en Delta Cycling zakte Luuc Bugter afgelopen maandag af naar Mechelen om zijn handtekening onder het stagecontract te zetten. "Een behoorlijk eindje rijden, waarna ik eerst een rondleiding door het service course kreeg. Dat ziet er niet zo heel veel anders uit dan bij ons. Niets kan natuurlijk tippen aan de service course van Rejan (hoofdmechanieker van Delta Cycling, red.), waar mijn tussensprint trui uit Normandië en puntentrui uit Ierland hangt,” knipoogt hij. 

"In België hebben ze wel meer dan twee keer zoveel spullen. Wielen zoveel als je maar wilt. En het kantoor is bij het service course." In dat kantoor werd Bugter vervolgens ontvangen door ploegleider Michiel Elijzen en trainer Kristof de Kegel. "Ik had tegelijk met twee andere stagiairs een afspraak met Michiel en Kristof. Ze vertelden over de ploeg en het programma dat we de komende maanden bij de ploeg mogen gaan rijden. Verder was al veel via de telefoon afgestemd.”

Na een foto in het tenue van zijn nieuwe ploeg voor de komende maanden kon Bugter met een voldaan gevoel terug naar Arnhem. “De eerste wedstrijd die ik met de ploeg rijdt is een kermiskoers: de Draai van de Kaai. Daar kan ik mooi de hele ploeg leren kennen,” weet hij. “Daarna rijdt ik zes 1.1-koersen. Veel van die koersen zou ik sowieso al rijden met Delta Cycling, maar nu mag ik me laten zien tussen de profs. Een super mooie kans.”

Bij Rhenen vervolgt de weg aan de route aan de andere kant van het water, na het oversteken van de vijfhonderddrieëntwintig meter lange Rijnbrug. Het straatnaambordje “Grebbeweg” verraadt het profiel van de rest van de training. Op en af. Tout la route.

Onbevangen

“Ik ga er, net als in de koersen waar ik goed presteerde, onbevangen in. Ik weet niet zo goed wat ik moet verwachten, maar ben heel gemotiveerd om te laten zien wat ik kan en misschien nog die stap omhoog te zetten,” vervolgt Bugter, die twee weken geleden zijn vijfentwintigste verjaardag vierde. “En of dat is in een sprinttrein, als vrijbuiter of dat ik de kans krijg om zelf uitslagen te rijden dat zien we de komende tijd wel.”

Delta Cycling helemaal verlaten doet Bugter niet. “Ik blijf gewoon koersen rijden voor Delta Cycling en die kalender wordt nu dus aangevuld met zes profkoersen. Ook mag ik bij Veranda’s Willems – Crelan op mijn Specialized fiets van Delta Cycling blijven rijden. Dat is wel heel fijn. Kijk hier rijden we trouwens langs Ouwehands Dierenpark.”

Routinier met een droom

Bij Delta Cycling mag Luuc Bugter zich inmiddels routinier noemen. Hij is bezig aan zijn derde seizoen bij de ploeg. “Drie bijzondere jaren. Toen ik binnenkwam was ik een van de jongste renners van de ploeg. Nu ben ik de op een na oudste. Alleen Eamon (Lucas, red.) is ouder,” reflecteert Bugter. “De manier van koersen is door de verjonging die de ploeg heeft doorgemaakt ook wel iets veranderd. Het is er zeker niet minder leuk op geworden. Het is heel mooi om te zien dat de jonge renners bij de ploeg grote stappen zetten.”

Die grote stappen zette Luuc Bugter de afgelopen jaren ook. “In het begin maak je de grootste stappen. Dan ga je snel vooruit als je leert hoe je moet trainen en koersen. Daarna komt het erop aan of je de kwaliteiten hebt om nog verder door te groeien. Dat ga ik nu zelf ook ondervinden.”

In die drie jaar zag Bugter al een aantal van zijn directe collega’s vertrekken naar een profploeg. “Ik moet dan vaak denken aan de ploeg waarmee we de Ronde van Kroatië reden in 2016. Ik reed toen in een ploeg met Coen Vermeltfoort, Robbert de Greef, Taco van der Hoorn, Jetse Bol, Wouter Mol en Daan Meijers. Vier van de zeven zijn nu prof. Ik hoop daar ook te komen.”

Bij Rozendaal doemt de volgende klim op aan de horizon. Luuc Bugter schakelt op, voert de cadans op en sprint uit het zadel de heuvel op. Hij verdwijnt al snel achter de haarspeldbocht. Op weg naar een nieuw avontuur. Een kans. Een droom.

Mark van der Linden
Bekijk de rit op Strava



Deel dit artikel: